n
Words of Max Havelaar · 204 headwords
Each word with its meanings, its forms, and the lines it stands in.
na
after; After; near 103 times
na, Na, nà, nader
preposition; adverb; adjective, comparative
The accent marks contrastive emphasis (‘after,’ as opposed to before).
- Is het dus niet een pure leugen, als de veldheer de prinses vragend aanziet, om te weten wat ze doen wil na 't poortsluiten? Nog-eens: als 't mensch nu eens lust had gehad te gaan slapen, in plaats van iets te ontblooten?
- Deze is, na myn gehechtheid aan het geloof, myn hoofdneiging. En ik wenschte dat ge hiervan overtuigd waart, lezer, omdat het de verontschuldiging is voor 't schryven van dit boek.
- Gister-avend nog was de boekhouder na elven op 't kantoor, om zyn bril te zoeken.
naam
name; names; the name 39 times
naam, namen, NAAM, name
noun, common gender, singular; noun, plural; noun, masculine, singular
By name is an older form of modern bij naam, meaning “by name.”
- De fout begint al van Van Alphen af, en wel terstond by den eersten regel over die "lieve wichtjes." Wat drommel kon dien ouden heer bewegen, zich uittegeven voor een aanbidder van myn zusje Truitje die zeere oogen had, of van myn broêr Gerrit die altyd met zyn neus speelde? En toch, hy zegt: "dat hy die versjes zong, door liefde gedrongen." Ik dacht dikwyls als kind: "man, ik wilde u graag eens ontmoeten, en als ge my de marmerknikkers weigerde, die ik u vragen zou, of myn naam voluit in banket--ik heet Batavus--dan houd ik u voor een leugenaar.
- Last? Dit is de naam niet."
- Het publiek kent my niet, en de uitgevers beoordeelen de werken meer naar den gevestigden naam van den schryver, dan naar den inhoud. Juist zooals wy de koffi naar de renommee van de merken.
naar
to; for; toward 281 times
naar, na, Naar
preposition; subordinating conjunction; prepositional adverb component
Naar ik geloof is the idiom “as I believe.”
- Niet alleen dat ik nooit iets schreef wat naar een roman geleek, maar ik houd er zelfs niet van, iets dergelyks te lezen, omdat ik een man van zaken ben.
- Men vlucht met het een of ander voorwerp naar het einde der aarde. De aarde heeft geen einden, en die liefde is ook gekheid.
- Toen we getrouwd zyn, hebben wy een toertje naar den Haag gemaakt--ze heeft daar flanel gekocht, waarvan ik nog borstrokken draag--en verder heeft ons de liefde nooit de wereld ingejaagd. Dus: alles gekheid en leugens!
naar boven
upward; upstairs 4 times
naar-boven
adverb; adverbial phrase
Historical hyphenation of modern naar boven.
- In landen dus, waar beschaving en overbevolking nog niet door samenpersing beneden, 't menschdom naar-boven hebben opgeknepen, zyn de huizen zonder verdieping, en dat van Havelaar behoorde niet tot de weinige uitzonderingen op dezen regel.
- Ze moet die omslingeren in schuinsche richting naar-boven, om ze te doen neerkomen op de punt die uitsteekt aan den rotswand. Ze wankelt, waggelt, schrikt, bezwykt ... tracht zich te houden aan den half ontwortelden boomstam die met zyn kruin naar de diepte wyst--een grasspriet!--ze mist het steunpunt dat ze zoekt: de boom slingert terug--de grasspriet wykt onder haren tred--ach, de tobster valt in de diepte met haar vracht.
- Weder grypt ze haren last, en weder sleept zy dien naar-boven, om straks nògeens, en nògeens, neertevallen in de diepte.
naar buiten
outside twice
naar-buiten
The hyphenated spelling naar-buiten is historical.
- Men zag den man die door den oppasser geroepen was, tot haar gaan, en 't scheen wel dat ze hem in een verhoor nam dat niet in zyn voordeel afliep. Althans hy wendde zyn schreden en liep naar-buiten terug.
- Ze bleef staan tot zy zich verzekerd had dat hy naar-buiten was teruggegaan, en keerde daarop langs het grasveld naar Havelaars huis terug.
naar huis
homeward; home twice
naar-huis
Historical hyphenation of the phrase naar huis.
naarmate
as; according as; the more 4 times
naarmate
- Menscheneter, daarin stak myn ziel, myn ziel die ge hebt vermaald als eens gegeten gras! 't Was myn hart dat ge daar hebt opgeslikt als een versnapering! Want in dat boek had ik dat hart en die ziel neergelegd, en er vielen zooveel tranen op dat handschrift, en myn bloed week weg uit de âren naarmate ik voortschreef, en ik gaf u dat alles, en dat kocht ge voor weinige stuivers ... en ge zegt: hm!
- By deze opgave wordt dat vervoer in twee deelen gesplitst, naarmate het zich bepaalt tot Java zelf of zich verder uitstrekt.
- Wel verbleekten de sterren daar omhoog, beschaamd dat er spoedig een eind komen zou aan haar heerschappy ... wel vloeiden er vreemde kleuren over de toppen der bergen, die donkerder schenen naarmate ze scherper afstaken op lichteren grond ... wel vloog er hier-en-daar door de wolken in het oosten iets gloeiends--pylen van goud en van vuur die heen-en-weer werden geschoten, evenwydig aan de kim--maar ze verdwenen weer en schenen neertevallen achter de ondoordringbare gordyn die nog altyd den dag bleef verbergen voor de oogen van Saïdjah.
naast
beside; next to; nearest 20 times
naast, Naast
preposition; adverb, superlative
- Hy was al dood, geloof ik, toen hy ons vertelde dat myn vader myn beste vrind was--ik hield meer van Pauweltje Winser, die naast ons woonde in de Batavierstraat--en dat myn kleine hond zoo dankbaar was. We hielden geen honden, omdat ze zoo onzindelyk zyn.
- Maar naast dien aloen-aloen, of elders, liggen Sawah's die op den ploeg wachten, of op een leiding die het water daarheen moet voeren, dikwyls van mylen ver ... deze Sawah's behooren den Regent.
- Het been dat ge daar links uitsteken moest, tusschen de hoededoos en 't mandje met kersen ... de knie die ge tegen 't portier gedrukt hield, om de dame tegenover u niet te doen denken dat ge een aanval in den zin hadt op krinoline of deugd ... de gelikdoornde voet die zoo bang was voor de hakken van den commis-voyageur naast u ... de hals dien ge zoo lang links moest wenden, omdat het drupt aan de rechterzyde.. zie, dat worden zoo alle ten-laatste halzen, en knieën, en voeten, die iets verdraaids bekomen.
naastbij
nearest once
naastby
Historical spelling of naastbij.
naaste
neighbor; neighbours 3 times
naaste, naasten
noun, common gender, singular; noun, plural
- Zieje, dat is men zyn naaste schuldig--zoo breng je hem op den goeden weg, meen ik--en ... al dat verzenmaken is gekheid.
- Die een oogstlied, waarin ze hun vreugde uitdrukken over het welslagen van hunnen arbeid, beschouwen als voldoenden dank aan het Opperwezen dat dien oogst rypen liet! Er leven daar verdoolden, myne geliefden--wanneer zulk een gruwelyk bestaan den naam van leven dragen mag!--daar vindt men wezens die beweren dat het voldoende is, vrouw en kind lieftehebben en van hunnen naaste niet te nemen wat hun niet behoort, om 's avends gerust het hoofd te kunnen nederleggen ter-slape!
- Voorbarig! Als een eerlyk man slapen kon, en leven en genieten, zoo lang zy voor wier welzyn hy geroepen is te waken, zy die in den hoogsten zin zyn naasten zyn, worden gekneveld en uitgezogen!
nabij
near; close up; nearer 14 times
naby, nader, nabij
adjective; adjective, predicative; preposition
Historical spelling of nabij.
- Wel bleef men gedurig steken in den modder, die in de Bantamsche laaglanden zwaar, kleierig en klevend is, wel was men telkens genoodzaakt de hulp interoepen van de bewoners der naastby gelegen dorpen--ook al waren ze niet zéér naby, want de dorpen zyn niet menigvuldig in die streken--maar als men er dan eindelyk in geslaagd was, een twintigtal landbouwers uit den omtrek by-een te krygen, duurde het gewoonlyk niet zeer lang, voor men paard en wagen weder op vasten grond had gebracht.
- Ieder had het gebruikelyke hè! geroepen, dat op zulk een stoot volgt, Max had in den schoot zyner moeder de pisang weergevonden, die hy door den schok verloor, en reeds was men een heel eind nader aan de modderdiepte die straks komen zou, voor de resident besluiten kon zyn zinsnede te voleinden, door er bytevoegen:
- Veel meer dan ginds rijst hier het hart naar boven: Men is zijn God op bergen meer nabij! Hier schiep Hijzelf altaar en tempelkoren, Nog door geen tred van 's menschen voet ontwijd, Hier doet Hij zich in 't raat'lend onweer hooren...
nabijheid
vicinity; nearness; proximity 6 times
nabyheid
noun, common gender, singular; noun, feminine, singular
Historical spelling of modern nabijheid.
- Over de melkzee. (Ik heb daarvan nooit gehoord. Het schynt iets in de nabyheid van Banda te zyn.)
- --Ik reklameer, riep Verbrugge--neen, mevrouw, niet tegen uwe nabyheid aan de nul!--neen, maar er zyn ambtenaren gesuspendeerd, er is een kind zoek, een generaal in staat van beschuldiging ... ik vraag: la pièce!
- De plantengroei, reeds overal elders in Indie zoo snel, was op die plaats door de telkens achtergelaten slib byzonder welig, zóó zelfs dat, al had het op- of afloopen des waters plaats gehad met een kracht die 't kreupelhout ontwortelde en meevoerde, er maar zeer weinig tyds noodig was om den grond weer te bedekken met al de ruigte die 't reinhouden van het erf, ook in de onmiddellyke nabyheid van 't huis, zoo moeielyk maakte.
naburig
neighbouring; neighboring 6 times
naburige
adjective; adjective, inflected; adjective, attributive, inflected
- De Regent van Lebak, Radhen Adhipatti Karta Natta Negara had met groot gevolg Rangkas-Betoeng, verlaten, en ondanks zijn hoogen ouderdom de twaalf of veertien palen afgelegd, die zyn woonplaats scheiden van de grenzen der naburige afdeeling Pandeglang.
- Een toespeling namelyk op den beteren staat der wegen in een naburige afdeeling, scheen het vervolg te wezen op vergeefsche pogingen om ook in Lebak dusdanige betere wegen te doen aanleggen, of de bestaande beter te onderhouden.
- "Hoe, moesten de Hoofden denken, hy weet reeds dat er zoovelen onze Afdeeling verlieten, met bitterheid in 't hart? Reeds is hem bekend hoeveel huisgezinnen naar naburige landstreken verhuisden, om de armoede te ontwyken die hier heerscht?
nacht
night; nights; night through 17 times
nacht, nachts, nachten
noun, common gender, singular; noun, masculine, singular; noun, masculine singular, genitive
Heden nacht is an older expression meaning last night in this context.
- Havelaar begaf zich naar zyn kantoor, en bleef daar den nacht door, tot den volgenden morgen.
- --Ik heb ze gelezen ... heden nacht, zei Havelaar.
- Had hy niet den ganschen nacht doorgebracht met lezen in 't archief, en was er niet reeds te veel door zyn ziel gegaan, dat in-verband stond met Lebak, dan dat hy zoo terstond weten kon dat hy eerst sedert gisteren dáár was?
nadat
after; After 14 times
nadat, Nadat
- Met beleefdheid bood hy zyn hand aan een dame, om haar by het uitstygen behulpzaam te zyn, en nadat deze van een heer die nog in den wagen zat, een kind had aangenomen, een klein blond jongetje van een jaar of drie, traden zy de pendoppo in. Daarop volgde die heer zelf, en wien op Java bekend was, zou het als een byzonderheid in 't oog gevallen zyn, dat hy by 't portier wachtte om 't uitstygen gemakkelyk te maken aan een oude javaansche baboe.
- --Ga nu heen, Max, zei Havelaar, papa heeft iets aan die heeren te zeggen. De kleine liep weg nadat hy met kushandjes gegroet had.
- Nadat de Adhipatti vertrokken was, zei Verbrugge, die veel hield van de staatsbladen:
nadelig
harmful; adversely twice
nadeelig
adjective, predicative; adverb
Nadeelig is the nineteenth-century spelling of modern nadelig.
nadenken
reflect; reflected; Think 8 times
nagedacht, nadenk, Denk, na, nadenkt
verb, present, singular; verb, participle; verb, imperative, singular
- Als ik zoo al schryvende nadenk, komt het me voor, dat zelfs de scheepsreederyen er eenigszins in betrokken zyn, en de koopvaardyvloot ... zeker, dit is waar!
- Ik zeg nooit iets wat ik niet goed overwogen heb, en durf beweren dat ik hier met kennis van zaken spreek, daar ik over dit stuk rypelyk heb nagedacht, vooral sedert het hooren der preek van dominee Wawelaar in den bidstond voor 't bekeeren der heidenen.
- Denk over dit alles eens na, Stern!
nader
further; closer; more later 4 times
nader, nadere
adjective, attributive, neuter singular, inflected; adverb, comparative; adjective, comparative, attributive
Daarover nader is an elliptical expression meaning “more about that later.”
- Hy ontving de geschreven maandelyksche berichten over landbouw, veestapel, politie, en justitie, en legde die tot nader onderzoek ter-zyde.
- --Ja, het is zoo. --Ik ben dus goed onderricht, doch daarover nader.
- Ik deed de reis met een fransch schip, de Baobab van Marseille, dat te Atjeh peper had ingeladen, en ... natuurlyk te Natal "gebrek had aan drinkwater." Zoodra ik te Padang aankwam, met het doel vandaar terstond naar de binnenlanden te vertrekken, wilde ik volgens gebruik en plicht den Gouverneur bezoeken, maar hy liet me zeggen dat hy me niet ontvangen kon, en tevens dat ik myn vertrek naar myn nieuwe standplaats moest uitstellen tot nader bevel.
naderen
approaching; approach; approached 4 times
naderen, naderenden, naderende, naderde
present participle, inflected; verb, infinitive; verb, past, singular
- De Adhipatti en Verbrugge stelden zich aan den ingang van de pendoppo, en zagen een door vier paarden getrokken reiswagen naderen, die weldra vry bemodderd by 't bamboezen gebouwtje stilhield.
- Wel sprak er uit zyn trekken iets als vermoeienis, doch dit deed eer denken aan vroegrype jeugd dan aan naderenden ouderdom. En naderende ouderdom had het toch moeten zyn, want in Indiën is de man van vyfendertig jaar niet jong meer.
- Ze sprak weinig, en bleef altyd een wakend oog houden op ieder die hare of Havelaars woning naderde. Men was echter gewoon geraakt aan wat men haar monomanie begon te noemen, en lette daarop weldra niet meer.
nadeur
refiners once
nadeurs
Nadeurs is Droogstoppel’s joking clipped spelling of raffinadeurs.
nagaan
traced; gather; considers 3 times
naging, nagaan, nagaat
verb, past, first-person singular; verb, infinitive; verb, present, singular
- En gewoonlyk, wanneer ik de oorzaken naging, kwam het me voor, dat die moesten gezocht worden in de verkeerde richting die aan de meesten gegeven was in hun jeugd.
- Ieder zal dus kunnen nagaan, hoe weinig ik tevreden was met het werk van Stern.
- Immers wanneer men nagaat dat Java alleen reeds zoo scherp is afgedeeld in twee ongelyksoortige deelen, zonder nog te letten op de vele onderdeelen van die splitsing, kan men berekenen hoe groot het onderscheid moet wezen tusschen volkstammen die verder van elkander wonen en zelfs door de zee gescheiden zyn.
nagenoeg
more or less; nearly; roughly 9 times
nagenoeg, Nagenoeg
- Op de Westermarkt stonden kramen, en als ge een Amsterdammer zyt, lezer, en nagenoeg van myn leeftyd, zult ge u herinneren hoe daaronder één was, die uitmuntte door de zwarte oogen en de lange vlechten van een meisje, dat als een Griekin gekleed was. Ook haar vader was een Griek, of althans hy zag er uit als een Griek.
- Er was des morgens te tien ure een ongewone beweging op den grooten weg die de afdeeling Pandeglang verbindt met Lebak "Groote weg" is misschien wat veel gezegd voor 't breed voetpad dat men, uit beleefdheid en by-gebrek aan beter, de "weg" noemde. Maar als men met een vierspannig rytuig vertrok van Serang, de hoofdplaats der residentie Bantam, met het voornemen zich te begeven naar Rangkas-Betoeng, de nieuwe hoofdplaats van 't Lebaksche, kon men nagenoeg zeker zyn, te-eeniger-tyd daar aantekomen. 't Was dus een weg.
- Nagenoeg op gelyke wyze--wat de keus der personen aangaat, daar hier geen spraak is van gelykheid in werkkring, hoewel ook in dit opzicht zekere overeenstemming in 't oog valt--staat aan het hoofd eener afdeeling op Java, een inlandsch beambte die den hem door het gouvernement gegeven rang met zijn autochthoonen invloed verbindt, om aan den europeschen ambtenaar die 't nederlandsch gezag vertegenwoordigt, het bestuur gemakkelyk te maken.
naïef
naive; naïve 4 times
naïf, naïef
adjective; adjective, attributive; adjective, predicative
nakomen
observed; complied with; to fulfill 5 times
nagekomen, natekomen
verb, participle; verb, past participle; verb, infinitive
Natekomen represents modern na te komen, the te-infinitive of nakomen.
- Het stuitend bevelen, in verzoekenden vorm geuit, wordt met stiptheid nagekomen. Het verschil in stand, geboorte, rykdom, wordt uitgewischt door den Regent zelf, die den Europeaan, als vertegenwoordiger des Konings van Nederland, tot zich opheft, en ten-slotte is een verhouding die, oppervlakkig beschouwd, botsing moest te weeg brengen, zeer dikwyls de bron van een aangenaam verkeer.
- Daarop volgde een toespraak van den resident tot de Hoofden, waarop hy hun den adsistent-resident als opperhoofd der Afdeeling voorstelde, hen uitnoodigde hem te gehoorzamen, hun verplichtingen stipt natekomen, en dergelyke gemeenplaatsen meer. De hoofden werden daarop één-voor-één by name aan Havelaar voorgesteld.
- Of ze worden nagekomen, is hier de vraag niet. Evenmin of de Regeering zelf wil dat ze nagekomen worden met een stiptheid die bezwarend werken zou op de begrooting van 't bouwdepartement?
nalaten
leave undone; left 3 times
nalaten, nagelaten
verb, infinitive; verb, participle
- Niemand beter toch dan hy kon weten dat er in deze zaken nooit spraak kon zyn van iets anders dan van force majeure. En, al loochende men deze force majeure, al wilde men my verantwoordelyk stellen voor fouten die begaan waren op oogenblikken dat ik--in levensgevaar dikwyls!--ver van de kas en wat er naar geleek, het beheer daarvan moest toevertrouwen aan anderen, al zou men eischen dat ik, het eene doende, het andere niet had mogen nalaten, dan nòg zou ik alleen schuldig geweest zyn aan een slordigheid die niets gemeens had met "ontrouw." Er bestonden bovendien, in die dagen vooral, talryke voorbeelden dat de Regeering deze moeielykheid der pozitie van de ambtenaren op Sumatra inzag, en 't scheen dan ook in grondbeginsel aangenomen by zulke gelegenheden iets door de vingers te zien.
- Eenigen tyd daarna vluchtte Saïdjah's vader uit het land. Want hy was zeer bevreesd voor de straf als hy zyn landrenten niet betalen zou, en hy had geen poesaka meer om een nieuwen buffel te koopen, daar zyn ouders altyd in Parang-Koedjang, woonden, en hem dus weinig hadden nagelaten.
- In gelyke omstandigheden zou ik op-nieuw--iets sneller echter --geheel, letterlyk geheel hetzelfde doen en nalaten.
nalatigheid
negligence; neglects; neglect 4 times
nalatigheid, nalatigheden
noun, common gender, singular; noun, plural
- Hiertoe draagt veel by de, als 't ware vorstelyke, onverschiligheid waarmee zy hun inkomsten verspillen, hun nalatigheid in 't bewaken hunner ondergeschikten, hun koopziekte, en vooral het misbruik--dat dikwyls van deze hoedanigheden gemaakt wordt door Europeanen.
- Wie gedwaald mocht hebben kan op een zacht oordeel van myn kant staat-maken, want daar ik zelf zo menig keer dwaal, zal ik niet streng zyn ... niet althans in de gewone dienstvergrypen of nalatigheden.
- Alleen waar nalatigheid zou worden tot gewoonte, zal ik die tegengaan.
namelijk
namely; that is; for 12 times
namelyk
adverb; sentence adverb; adverb, archaic spelling
Historical spelling of modern “namelijk.”
- Ik ben namelyk makelaar in koffi, Lauriergracht N° 37.
- Hy scheen ook my te herkennen, want onze blikken ontmoetten elkander gedurig. Ik moet betuigen dat ik te verdiept was in 't veegsel, om terstond optemerken, wat ik namelyk later zag, dat hy vry kaal in de kleeren stak.
- Een toespeling namelyk op den beteren staat der wegen in een naburige afdeeling, scheen het vervolg te wezen op vergeefsche pogingen om ook in Lebak dusdanige betere wegen te doen aanleggen, of de bestaande beter te onderhouden.
nasporen
tracked down; traced out; investigate 4 times
nagespoord, natesporen, nasporen
verb, infinitive; verb, past participle; verb, participle
Natesporen is the older closed spelling of na te sporen.
- Doch alweer was 't eigenaardig dat hy die zoo nauwkeurig en scherp het recht van een ander--hoe diep ook begraven onder stoffige akten en dikwebbige chicanes--zou hebben nagespoord en verdedigd, dat hy hier waar zyn eigen belang in 't spel was, met slordigheid het oogenblik verwaarloosde, waarin misschien de zaak had moeten worden aangevat.
- Maar hy heeft de manier nagespoord, waaròp het geschiedt.
- Enkelen daarvan kon ik terstond ophelderen. Voor anderen evenwel had ik inzage van zekere stukken noodig, en vooral was 't voor my van belang die zaken natesporen te Natal zelf, om by myn geëmployeerden naar de oorzaken der gevonden verschillen onderzoek te doen, en waarschynlyk zou ik dáár geslaagd wezen in myn pogingen om alles tot klaarheid te brengen.
nasporing
inquiry; inquiries; searchings 4 times
nasporingen, nasporing
noun, common gender, singular; noun, common gender, plural; noun, plural
- Havelaar vernam 't weinige dat daarvan te vernemen was, eerst na zyn huwelyk, en by zyn nasporingen wekte het zyn verwondering dat de kassette waarvan ik zoo-even sprak--met den inhoud uit een gevoel van pieteit bewaarde, zonder te gissen dat daarin misschien stukken waren, die belang hadden uit een geldelyk oogpunt--op onbegrypelyke wyze was verloren gegaan.
- Ik beantwoordde punt voor punt zoo goed ik kon, en eindigde myn brief--ik bezit daarvan nog de minuut--met de woorden: "Ik heb de op myn administratie gevallen aanmerkingen, zoo goed het my zonder archief of lokale nasporing mogelyk was, beantwoord.
- Hy had door nasporing op de plaatsen zelf, veel bevestigd gevonden van wat hy vroeger vermoedde, en vooral uit het archief was hem gebleken dat de landstreek waarvan het bestuur aan zyn zorg was toevertrouwd, werkelyk in een hoogsttreurigen toestand verkeerde.
naspreken
repeated; echoing; repeating 4 times
naspreken, sprak, nasprak
verb, past, singular; verbal noun, neuter singular; verb, infinitive used as noun
- Havelaar sprak de voorgelezen woorden na.
- Havelaar integendeel, toen hy met opgeheven vinger de eeden nasprak, had iets in gelaat, stem en houding, alsof hy zeggen wilde: "dat spreekt vanzelf, ook zonder God Almachtig, zou ik dat doen" en wie menschkunde bezat, zou meer vertrouwd hebben op zyn ongedwongenheid en schynbare onverschilligheid, dan op de ambtelyke deftigheid van den resident.
- Vinden we niet reeds in de verzen die van zyn jeugd dagteekenen, regels als deze, die geschreven waren op den Salak--een der reuzen, maar niet de grootste, onder de bergen van de Preanger Regentschappen--waarin alweder de aanhef de zachtheid zyner aandoeningen teekent, om op-eens overtegaan in 't naspreken van den donder dien hy onder zich hoort: 't Is zoeter hier zijn Maker luid te loven... 't Gebed klinkt schoon langs berg- en heuvelrij...
nat
wet; flood 3 times
nat, natte
adjective; nominalized adjective, neuter, singular
Het nat is a literary expression for water or the flood.
- Ben je nat? Wat heb je geschoten?
- Dáár zouden de meisjes met je meegegaan zyn naar den Ganges, en dan lag je daar nu misschien onder dien boom in 't natte gras, terwyl je nu, omdat ik je zoo vaderlyk waarschuwde, hier by ons kunt blyven in een fatsoenlyk huis.
- En menig kreet, in 't nat gesmoord, Door vrouw, noch kind, noch maag gehoord, Werd slechts door God verstaan!
Natal
Natal; Natal’s; NATAL 46 times
Natal, Natals, NATAL
proper noun; proper noun, genitive; proper noun, singular
Natals
Natal; Natal district 10 times
Natalsche, natalsche, natalsch, natalschen
substantivized adjective, neuter singular; adjective, attributive; adjective
Het Natalsche is a substantivized regional adjective meaning the Natal district.
- --Welnu, dan weet je dat er peperkultuur in 't Natalsche is.
- Myn verstoordheid van dien dag stond in verband met het gevaarlyke der Natalsche ree ... je weet, Verbrugge, dat geen oorlogschip die reede mag aandoen, vooral niet in Juli ... ja, Duclari, de westmousson is daar in Juli 't sterkst, juist andersom dan hier.
- Anderhalf millioen menschen in 't binnenland wisten geen weg met hun produkt, omdat de Natalsche ree--en terecht!--in zulk een slecht blaadje stond.
natie
nation; Nation 4 times
natie, Natie
noun, common gender, singular; noun, common gender, genitive singular
- De kosten op den overvoer naar Europa, door bemiddeling van een bevoorrecht handelslichaam, zyn hoog. De aan de Hoofden toegelegde aanmoedigingsgelden bezwaren daarentegen den inkoopprys, en ... daar toch ten-slotte de geheele zaak winst afwerpen moet, kan deze winst niet anders worden gevonden dan door juist zóóveel aan den javaan uittebetalen, dat hy niet sterve van honger, hetgeen de voortbrengende kracht der natie verminderen zou.
- Wie verstoord mocht zyn over dit onbewimpeld uiten myner meening, bedenke hoeveel millioenen schats en hoeveel menschenlevens er zouden gespaard zyn aan Engeland, indien men dáár tydig de oogen der natie voor de ware toedracht der zaken in Britsch-Indie geopend had, en hoe groote dankbaarheid men zou schuldig geweest zyn aan den man die den moed had getoond de Jobsbode te wezen, voor het te laat ware geweest om 't verkeerde te herstellen op minder bloedige wyze dan nu wel noodzakelyk geworden was.
- De procentsgewyze belooning aan europesche en inlandsche beambten voor produkten die in Europa moeten verkocht worden, had den rystbouw zoodanig op den achtergrond gesteld, dat er in sommige streken een hongersnood geheerscht heeft, die niet voor de oogen der natie weggegoocheld worden kòn.
Natta
Natta 3 times
Natta
- De Regent van Lebak, Radhen Adhipatti Karta Natta Negara had met groot gevolg Rangkas-Betoeng, verlaten, en ondanks zijn hoogen ouderdom de twaalf of veertien palen afgelegd, die zyn woonplaats scheiden van de grenzen der naburige afdeeling Pandeglang.
- Ik bedoel hiermee nu juist niet dat hy vergezeld was van de twintig of dertig Javanen, bedienden, mantries en oppassers die op den grond gehurkt in en buiten de pendoppo zaten, noch van de velen die aanhoudend uit-en inliepen, noch van 't groot aantal inlanders van verschillenden rang, dat daar buiten de paarden vasthield, of te-paard rondreed ... neen, de Regent zelf van Lebak, Radhen Adhipatti Karta Natta Nagara, zat tegenover hem.
- dat ik den Regent van Lebak, Radhen Adhipatti Karta Natta Nagara, BESCHULDIG van misbruik van gezag, door het onwettig beschikken over den arbeid zyner onderhoorigen, en VERDENK van knevelary, door het vorderen van opbrengsten in naturâ, zonder, of tegen willekeurig vastgestelde, onvoldoende, betaling; dat ik voorts den Dhemang, van Parang-Koedjang zyn schoonzoon--verdenk van medeplichtigheid aan de genoemde feiten.
natura
kind twice
naturâ
The Latin phrase in naturâ means “in kind,” or payment in goods rather than money.
- Over de betaling, van landrenten in naturâ. Over de koffikultuur te Menado. (Dit heb ik al genoemd.)
- dat ik den Regent van Lebak, Radhen Adhipatti Karta Natta Nagara, BESCHULDIG van misbruik van gezag, door het onwettig beschikken over den arbeid zyner onderhoorigen, en VERDENK van knevelary, door het vorderen van opbrengsten in naturâ, zonder, of tegen willekeurig vastgestelde, onvoldoende, betaling; dat ik voorts den Dhemang, van Parang-Koedjang zyn schoonzoon--verdenk van medeplichtigheid aan de genoemde feiten.
natuur
nature; Nature 8 times
natuur, Natuur
noun, common gender, singular; noun, feminine, singular, personified
- Laat het slechts myn tranen tuigen, Als zoo menig moed'loos uur Me in den boezem der Natuur, 't Hoofd zoo treurig neer doet buigen... Vaak, als my de moed ontzonk, Is de zucht me schier ontvloden: "Vader! schenk me by de dooden, "Wat het leven my niet schonk!
- Zonder uitweiding over den oorsprong des adels, die geheel in de natuur ligt, wensch ik toch plaats te geven aan de opmerking hoe in òns werelddeel en ginds in 't verre Indie, dezelfde oorzaken dezelfde gevolgen hadden.
- Toch sprak hy niet luid, noch drukte hy byzonder op enkele woorden, en zelfs was er iets eentonigs in zyn stem, maar hetzy studie of natuur, juist deze eentonigheid maakte den indruk zyner woorden sterker op gemoederen die zoo byzonder ontvankelyk waren voor zulke taal.
natuurlijk
naturally; natural; of course 35 times
natuurlyk, Natuurlyk, natuurlyker
adverb; adjective; adjective, attributive
Historical spelling of modern natuurlijk.
- Ik zeg: waarheid en gezond verstand, en hier blyf ik by. Voor de Schrift maak ik natuurlyk een uitzondering.
- Zoo'n meisjen is natuurlyk de heldin.
- Als myn zaken goed gaan--en dit doen ze--als myn vrouw en kinderen gezond zyn, zoodat ik geen gemaal heb met dokter en apteker ... als ik jaar-in jaar-uit een sommetje kan ter-zy leggen voor den ouden dag ... als Frits knap opgroeit, om later in myn plaats te komen als ik naar Driebergen ga ... zie, dan ben ik heel tevreden. Maar dit alles is een natuurlyk gevolg van de omstandigheden, en omdat ik op de zaken pas.
nauw
scarcely; closely; barely 15 times
nauw, Nauw
adverb; adjective; adjective, uninflected
- Toen het aan de moederborst, Nauw den moederschoot onttogen, 't Eerste vocht vond voor den dorst, 't Eerste licht in moederoogen?
- In plaats van een behoorlyke japon of rok, droeg ze daaronder een stuk donker gebloemd lynwaad, dat eenige malen om het lyf gewikkeld scheen, en hare heupen en knieën vry nauw omsloot.
- De Regent wenkte met een nauw zichtbare beweging van 't hoofd, een der bedienden die neergehurkt zaten aan den ingang der pendoppo. Een kleine jongen, allerliefst gevat in een blauw-fluweelen buis, witten pantalon, met gouden lyfband die zyn kostbaren sarong, vasthield om de lenden, en op 't hoofd den behagelyken kain kapala, waaronder zyn zwarte oogen zoo ondeugend te-voorschyn kwamen, kroop hurkende tot aan de voeten des Regents, zette de gouden doos neder, die de tabak, de kalk, de sirie, de pinang, en de gambier bevatte, maakte den slamat, door beide handen saamgevoegd opteheffen tot aan het diep neergebogen voorhoofd, en bood daarop zyn heer de kostbare doos aan.
nauwelijks
scarcely; barely 5 times
nauwlyks, nauwelyks, Nauwelyks
Nauwelyks is the nineteenth-century spelling of modern nauwelijks.
- 't Is nog nauwlyks twee paar jaren Toen ik 't laatst op gindschen grond Zwygend aan den oever stond Om de toekomst in te staren... Toen ik 't schoone tot my riep Dat ik van de toekomst wachtte, En het heden stout verachtte, En my paradyzen schiep...
- Nauwelyks echter was Stern aan zyn werk begonnen, of hy stuitte op moeielykheden. Buiten de zwarigheid om uit zooveel bouwstoffen het noodige uittezoeken en te rangschikken, kwamen er gedurig in de handschriften woorden en uitdrukkingen voor, die hy niet begreep, en die ook mij vreemd waren.
- Ziet, hoe men het zwarte vel afstroopt van het ongedoopte kind dat, nauwelyks geboren, werd weggeslingerd van de borst der moeder, in den poel der eeuwige verdoemenis ...
nauwkeurig
meticulous; meticulously; precisely 5 times
nauwkeurig, nauwkeurige
adverb; adjective; adjective, uninflected
- Het is myn doel niet, vooral niet in het begin van myn vertelling, den lezer lang bezig te houden met het beschryven van plaatsen, landschappen of gebouwen. Ik vrees te zeer hem afteschrikken door wat zweemen zou naar langdradigheid, en eerst later, als ik gevoel dat hy voor my gewonnen is, als ik uit blik en houding bemerk dat het lot van de heldin die ergens van 't balkon eener vierde verdieping springt, hem belang inboezemt, dan laat ik, met stoute verachting van alle wetten der zwaartekracht, haar zweven tusschen hemel en aarde, tot ik myn hart heb lucht gegeven in de nauwkeurige schets der schoonheden van het landschap, of van 't gebouw dat daar ergens schynt geplaatst te zyn om een voorwendsel aan de hand te doen tot een veelbladzydig vertoog over middeleeuwsche architektuur.
- Doch alweer was 't eigenaardig dat hy die zoo nauwkeurig en scherp het recht van een ander--hoe diep ook begraven onder stoffige akten en dikwebbige chicanes--zou hebben nagespoord en verdedigd, dat hy hier waar zyn eigen belang in 't spel was, met slordigheid het oogenblik verwaarloosde, waarin misschien de zaak had moeten worden aangevat.
- Ik wil niet te nauwkeurig weten wat geschied is.
nazeggen
to repeat once
natezeggen
Written as one word here; modern Dutch normally has na te zeggen.
neder
down; sit down; sat down 5 times
neder
separable verb particle; separable adverbial particle; adverb
- ... en schryver. Sedert myn kindsheid drukte ik myn aandoeningen in verzen uit, en ook later schreef ik dagelyks neder wat er omging in myn ziel.
- De Regent wenkte met een nauw zichtbare beweging van 't hoofd, een der bedienden die neergehurkt zaten aan den ingang der pendoppo. Een kleine jongen, allerliefst gevat in een blauw-fluweelen buis, witten pantalon, met gouden lyfband die zyn kostbaren sarong, vasthield om de lenden, en op 't hoofd den behagelyken kain kapala, waaronder zyn zwarte oogen zoo ondeugend te-voorschyn kwamen, kroop hurkende tot aan de voeten des Regents, zette de gouden doos neder, die de tabak, de kalk, de sirie, de pinang, en de gambier bevatte, maakte den slamat, door beide handen saamgevoegd opteheffen tot aan het diep neergebogen voorhoofd, en bood daarop zyn heer de kostbare doos aan.
- En ik zeide tot haar: Allah heeft ons een kind gegeven, dat eenmaal zeggen zal: "weet ge dat ik zyn zoon ben?" En dan zullen er wezen in het land, die hem groeten met liefde, en die de hand zullen leggen op zyn hoofd, en zeggen zullen: "zet u neder aan ons maal, en bewoon ons huis, en neem uw deel aan wat wy hebben, want ik heb uwen vader gekend."
Nederland
the Netherlands; The Netherlands; Netherlands 30 times
Nederland
proper noun, neuter, singular; proper noun
- De eb, in 1672 geloof ik, duurde wat langer dan gewoonlyk, expres om Nederland te beschermen. Leugens!
- Nederland is Nederland gebleven, omdat onze oude luî goed op hun zaken pasten, en omdat ze het ware geloof hadden. Dàt is de zaak!
- Een gedeelte bestaat uit stammen welker vorsten en vorstjes de opperheerschappy van Nederland als suzerein erkend hebben, doch waarby nog altyd het rechtstreeksch bestuur, in meer of minder mate gebleven is in handen van de ingeboren Hoofden zelf.
Nederlanden
Netherlands 3 times
Nederlanden
proper noun, plural; proper noun
- Van dit gedeelte slechts der nederlandsche bezittingen, dat alzoo inderdaad deel uitmaakt van het Koningryk der Nederlanden, zal in deze bladen hoofdzakelyk sprake zyn.
- Dit geschiedde dan ook gewoonlyk, schoon ik niet geloof dat ooit het recht op deze opvolging organisch is erkend geworden, althans wat deze beambten in de Nederlanden aangaat, by-voorbeeld, de graven van Holland, Zeeland, Henegouwen of Vlaanderen, de hertogen van Brabant, Gelderland, enz.
- Hy nam daarna 't staatsblad waarin de eed stond die tot de aanvaarding van bedieningen in 't algemeen voorgeschreven is, en houdende: "dat men om tot het ambt van ***** te worden benoemd of bevorderd, niemand iets beloofd of gegeven heeft, beloven of geven zal; dat men gehouw en getrouw zal zijn aan zijne Majesteit den Koning der Nederlanden; gehoorzaam aan zijner Majesteits vertegenwoordiger in de Indische gewesten; dat men stiptelijk zal opvolgen en doen opvolgen de wetten en bepalingen, die gegeven zijn of gegeven zullen worden, en dat men zich in alles zal gedragen gelijk een goed ... (hier: adsistent-resident) betaamt."
Nederlands
Dutch; Netherlands 37 times
nederlandsch, nederlandsche, Nederlandsch, Nederlandsche, nederlandschen, Nederlandschen
adjective, inflected; adjective, attributive; adjective
The ending -sche is the historical spelling of modern -se.
- De Romeinen waren bly dat de Batavieren hen lieten leven. De Bey van Tunis kreeg een kolyk als hy het wapperen hoorde van de nederlandsche vlag.
- Over de toekomst van den nederlandschen handel. (Dit is eigenlyk 't stuk dat me bewogen heeft, myn boek te schryven. Hy zegt dat er niet altyd zulke groote koffiveilingen zullen gehouden worden, en ik leef voor myn vak.)
- En--zonderling toch, hoe de gedachten onder 't schryven in iemand opkomen --myn boek gaat ook de molenaars aan, en de dominees, en hen die Holloway- pillen verkoopen, en de likeurstokers, en de pannenbakkers, en de menschen die van staatsschuld leven, en de pompenmakers, en de touwslagers, en de wevers, en de slachters, en de klerken op een makelaarskantoor, en de aandeelhouders van de Nederlandsche Handelmaatschappy, en eigenlyk, wel beschouwd, alle anderen ook.
Nederlands-Indië
Netherlands India; Netherlands Indies; Dutch East Indies 4 times
Nederlandsch-Indie
Historical spelling of Nederlands-Indië.
- Toen ik een paar jaren daarna wat geld had--beste Tine, jy hadt het me gegeven!--betaalde ik eenige duizenden guldens om de Natalsche kasrekeningen van 1842 en 1843 effen te maken, en toen zeide my iemand die geacht kon worden de Regeering van Nederlandsch-Indie voortestellen: "dat had ik in uw plaats niet gedaan ... ik zou een wissel op de eeuwigheid gegeven hebben." Ainsi va le monde!
- Er zyn personen die byna even zooveel tyd in Nederlandsch-Indie doorbrachten, zonder ooit in aanraking gekomen te zyn, noch met de bevolking, noch met inlandsche Hoofden, en 't is bedroevend, dat de Raad van Indie zeer dikwyls geheel of grootendeels uit zoodanige personen is samengesteld, ja dat men zelfs middel heeft gevonden, den Koning benoemingen te laten teekenen tot Gouverneur-generaal, van iemand die tot deze soort van specialiteiten behoorde.
- Dit antwoord is eene kostbare bydrage tot de kennis van de wyze waarop het bestuur in Nederlandsch-Indie wordt uitgeoefend.
nee
no 4 times
neen, Neen
interjection; noun used as quotation
- Nu vind ik dat een mensch 's avends altyd iets beter is, of minder ondeugend liever, dan 's morgens, en dit is natuurlyk. 's Morgens houdt men zich te-zamen--ik weet wel dat dit een germanismus is, maar hoe moet ik het zeggen in 't hollandsch? --men is ... deurwaarder of kontroleur, of ... neen, dit is genoeg!
- Of wel, hy moet dien dag kordaat ja of neen zeggen in antwoord op missive nummer zóóveel.
- --Neen, ik heb u dat bewys niet beloofd!
neef
nephew; cousins; cousin 6 times
neef, neven
noun, common gender, singular; noun, plural
- Die laatste heeft slechts rang van Tommongong, onze Regent is Adhipatti, en toch laten zyn inkomsten, omdat Lebak niet geschikt is voor koffi en hem dus geen emolumenten opbrengt, niet toe in praal en luister te wedyveren met een eenvoudigen Dhemang in de Preanger, die den stygbeugel houden zou als zyn neven te-paard stygen. Is dit waar?
- Volstrekt niet omdat er maar drie pooten aan je stoel waren. En lang nadat je uit Fotheringhay werd verlost--op voorspraak van je neef, denk ik, of omdat het de menschen verveelde je daar langer onverplicht den kost te geven, als een kanarievogeltje--lang daarna, ja, tot heden toe, droom je wakend van die vrouw, en in je slaap zelfs schrik je op, en valt met zwaren schok neer op je legerstede, omdat je den arm wilt grypen van den beul.
- Tegenover ons woont een juffrouw, wier neef een toko doet in de Oost, zooals ze daar een winkel noemen.
neen
no; No; not 83 times
Neen, neen
interjection; interjection, archaic or formal; interjection, archaic
Neen is an older form of modern nee.
- Maar neen, onderkruipen doe ik niet. Ik ben naar Polen gegaan liet me pen en papier geven, en schreef:
- Hier herhaalde ik weer al die onzedelykheid, en vertelde de geschiedenis der dochter van Busselinck & Waterman. Niet om iemand zwart te maken ... neen, bekladden ligt nu juist heelemaal niet in myn manier!
- Neen, in Amsterdam zelf had hy om-mynentwil een Griek den neus aan 't bloeden geslagen. Want hy bemoeide zich altyd met dingen die hem niet aangingen.
neer
down; amounts 7 times
neer
adverb, separable verbal particle; separable verbal particle; separable particle
Op hetzelfde neerkomen means “to amount to the same thing.”
- Laat het slechts myn tranen tuigen, Als zoo menig moed'loos uur Me in den boezem der Natuur, 't Hoofd zoo treurig neer doet buigen... Vaak, als my de moed ontzonk, Is de zucht me schier ontvloden: "Vader! schenk me by de dooden, "Wat het leven my niet schonk!
- Maar, bestervend op myn lippen, Steeg de beê niet tot den Heer... 'k Boog wel beî myn knieën neer, 'k Voelde wel een zucht me ontglippen, Maar het was: "nog niet, o Heer! "Geef my eerst myn moeder weer!"
- Ik heb je maar gezegd dat ik daar veel over hem heb hooren spreken, anders niet! --Nu, dit komt op 'tzelfde neer.
neerbuigen
bowed; to stoop twice
neergebogen, neertebuigen
verb, past participle; verb, infinitive
Written as one word here; modern Dutch normally writes neer te buigen.
- De Regent wenkte met een nauw zichtbare beweging van 't hoofd, een der bedienden die neergehurkt zaten aan den ingang der pendoppo. Een kleine jongen, allerliefst gevat in een blauw-fluweelen buis, witten pantalon, met gouden lyfband die zyn kostbaren sarong, vasthield om de lenden, en op 't hoofd den behagelyken kain kapala, waaronder zyn zwarte oogen zoo ondeugend te-voorschyn kwamen, kroop hurkende tot aan de voeten des Regents, zette de gouden doos neder, die de tabak, de kalk, de sirie, de pinang, en de gambier bevatte, maakte den slamat, door beide handen saamgevoegd opteheffen tot aan het diep neergebogen voorhoofd, en bood daarop zyn heer de kostbare doos aan.
- En aan sommigen die misschien beweren dat ik Saïdjah en zyn liefde heb geïdealiseerd, moet ik vragen hoe ze dit weten kunnen? Slechts zeer weinig Europeanen immers achten het de moeite waard zich neertebuigen tot waarneming der aandoeningen van de koffi- en suikerwerktuigen die men "inlanders" noemt.
neerdalen
to descend; descend twice
neertedalen, Neerdalen
Historical spelling writes the infinitive marker into “neertedalen”; modern Dutch has “neer te dalen.”
- "Zie, hoe de zon schittert daar omhoog, Hoog boven den waringi-heuvel! Ze voelt zich te warm, en wenscht neertedalen, Om te slapen in zee, als in de armen van een gade.
- Als dàn Adinda nog niet gekomen is, Dan zal een engel met blinkende vleugelen Neerdalen op aarde, om te zoeken wat daar achterbleef.
neerhalen
pull down; bring down; drag down 3 times
neertehalen, neerhalen
verb, infinitive with te; verb, present, plural
Historical spelling writes neer te halen as one word.
- Hoe meer mutatie onder de inhabers der voetstukken, hoe grooter de kans voor anderen om óók eens aan de beurt te komen, en dit is zóó waar dat wy uit gewoonte en tot oefening--even als een jager die op kraaien schiet, welke hy toch liggen laat--ook die standbeelden gaarne neerhalen, welker piedestal nooit door ons kan bestegen worden.
- Ontkend weder door ieder--buiten Tine--die hem daarna hoorde schimpen op die "domme dieren" en op de "domme natuur" die zulke dieren schiep. Maar nog een andere wyze bestond er om hem neertehalen van 't voetstuk waarop zyn omgeving--men mocht hem beminnen of niet--wel gedwongen was hem te plaatsen.
- Thans vooral roep ik u op met vertrouwen, omdat ge niet meer noodig hebt te zoeken waar de koord moet worden ingehaakt om hem neertehalen van welke luttele hoogte ook.
neerkomen
come down; comes down 3 times
neerkomen, neerkomt
verb, infinitive; verb, present, third person singular
- Wacht nu eerst het slot van de inleiding af--is dat alles nog maar inleiding --ik beloof u--hy zeide eigenlyk: "ik verspreek u"--dat ten-slotte de zaak zal neerkomen op koffi, koffi, op niets dan koffi!
- Je ziet dus dat je voorgestelde reisroute niet oprecht gemeend was, en dat alles neerkomt op een laf geklinkklank van woorden zonder slot of zin.
- Ze moet die omslingeren in schuinsche richting naar-boven, om ze te doen neerkomen op de punt die uitsteekt aan den rotswand. Ze wankelt, waggelt, schrikt, bezwykt ... tracht zich te houden aan den half ontwortelden boomstam die met zyn kruin naar de diepte wyst--een grasspriet!--ze mist het steunpunt dat ze zoekt: de boom slingert terug--de grasspriet wykt onder haren tred--ach, de tobster valt in de diepte met haar vracht.
neerleggen
laid; laid down; to lay down 3 times
neergelegd, neerleggen, neerteleggen
verb, infinitive; verb, past participle
Historical spelling joins neer te leggen into one word.
- Menscheneter, daarin stak myn ziel, myn ziel die ge hebt vermaald als eens gegeten gras! 't Was myn hart dat ge daar hebt opgeslikt als een versnapering! Want in dat boek had ik dat hart en die ziel neergelegd, en er vielen zooveel tranen op dat handschrift, en myn bloed week weg uit de âren naarmate ik voortschreef, en ik gaf u dat alles, en dat kocht ge voor weinige stuivers ... en ge zegt: hm!
- Het was hun suspensie die my 't puntdicht ingaf, dat ik op de ontbyttafel van den generaal liet neerleggen door iemand die toen by hem, vroeger by my in dienst was.
- Misschien ware ik in myn recht geweest, na de ontvangst van die beschikking myn betrekking van adsistent-resident terstond neerteleggen, daar het een anomalie schynt een funktie te vervullen zonder ambtenaar te wezen.
neerschrijven
write down; set down twice
neerschryven, neerschreef
verb, infinitive; verb, past, singular
Historical spelling of modern neerschrijven.
- Ik ben daar bitter geworden. Wat zoudt ge denken van iemand die zulke zaken kon neerschryven zonder bitterheid?
- Maar ik kan en wil niet gelooven dat uwe meening door zyne Excellentie den Gouverneur-generaal gedeeld wordt, en ik ben dus verplicht, vóór ik overga tot het bitter uiterste dat ik neerschreef in de vorige alinea, u eerbiedig te verzoeken aan het Gouvernement voortestellen:
neervallen
to fall down; fall down; fell 5 times
neertevallen, neervallen, neerviel, neergevallen
verb, infinitive with te; verb, infinitive; verb, past, singular
- Weder grypt ze haren last, en weder sleept zy dien naar-boven, om straks nògeens, en nògeens, neertevallen in de diepte.
- Ik heb het huis zien branden van Pa-ansoe, dat hyzelf had aangestoken omdat hy mata-glap was. Als ik sterf in een brandend huis, zullen er gloeiende stukken hout neervallen op myn lyk.
- Hy teekende zich Adinda's gelaat, haar hoofd, haar schouder ... hy zag den zwaren kondeh, zoo glinsterend zwart, gevangen in eigen strik, afhangend in haar hals ... hy zag haar groot oog, schitterend in donkeren weerschyn ... de neusvleugels die ze zoo fier optrok als kind, wanneer hy--hoe was't mogelyk!--haar plaagde, en den hoek van haar lippen waarin zy een glimlach bewaarde. Hy zag hare borst, die nu zwellen zou onder de kabaai ... hy zag hoe de sarong, die zyzelf geweven had, haar heupen nauw omsloot, en, de dy volgend in gebogen lyn, langs de knie neerviel in heerlyke golving op den kleinen voet ...
neerzien
look; to look twice
neerzien, neertezien
verb, present, third person plural; verb, infinitive with infixed te
Neertezien is the older joined spelling of neer te zien.
negen
nine 4 times
negen
- Zeven en negen is verboden door de maat. Daar gaat hy dan aan 't knoeien!
- Dat heeft negen maanden geduurd!
- Nadat de rechtsraad, die blykbaar met de zaak verlegen was, den uitweg had gevonden zich onbevoegd te verklaren, omdat vervolgingen wegens misdryf in dienstbetrekking, niet mogen plaats hebben dan op machtiging van de Regeering te Batavia, hield my de generaal, zooals ik zeide, negen maanden te Padang.
neger
Black man once
neger
Neger is historical and now widely considered offensive; the translation reflects the period context.
neiging
inclination; impulses 8 times
neiging, neigingen, Neiging
noun, common gender, singular; noun, common gender, plural
- Een tweede neiging, die my even sterk als waarheidsliefde beheerscht, is de hartstocht voor myn vak.
- Maar toen later het centraal gezag des duitschen Ryks behoefte voelde, eenig ver gelegen volk aan zich te binden op andere wyze dan door stoffelyk overwicht alleen, zoodra een verwyderde streek werd beschouwd als door gelykheid in afkomst, taal en gewoonten tot het Ryk te behooren, deed zich de noodzakelykheid gevoelen, iemand met de leiding der zaken te belasten, die in dat land te-huis behoorde niet alleen, maar door zyn stand boven zyn medeburgers in die streken verheven was, opdat de gehoorzaamheid aan de bevelen des Keizers, gemakkelyk werde door de samengaande neiging tot onderwerping aan hem die met de uitvoering dezer bevelen belast was. Hierdoor werden dan tevens geheel of gedeeltelyk de uitgaven vermeden, voor een staand leger ten-laste der algemeene staatskas, of, zooals meestal geschiedde, ten-laste van de gewesten zelf, die door zoodanig leger moesten bewaakt worden.
- Dit blykt reeds hieruit, dat de neiging der inlandsche Hoofden om de grens van 't geoorloofd beschikken over arbeid en eigendom hunner onderhoorigen te overschryden, overal volmondig erkend wordt ... dat alle adsistent-residenten den eed doen die misdadige hebbelykheid te-keer te gaan, en ... dat toch slechts zeer zelden een Regent wordt aangeklaagd wegens willekeur of misbruik van gezag.
nein
no 7 times
Nein, nein
nemen
take; took; taken 123 times
nam, nemen, genomen, neem, neemt, namen, neme, Neem and 1 more
verb, past, singular; verb, infinitive; verb, present, singular
Voor lief nemen is an idiom meaning to accept or make do with something less than ideal.
- Het is myn gewoonte niet, romans te schryven, of zulke dingen, en het heeft dan ook lang geduurd, voor ik er toe overging een paar riem papier extra te bestellen, en het werk aantevangen, dat gy, lieve lezer, zoo-even in de hand hebt genomen, en dat ge lezen moet als ge makelaar in koffi zyt, of als ge wat anders zyt.
- Als ik in myn vak--ik ben makelaar in koffi, en woon op de Lauriergracht N° 37--aan een principaal --een principaal is iemand die koffi verkoopt--een opgave deed, waarin maar een klein gedeelte der onwaarheden voorkwam, die in gedichten en romans de hoofdzaak uitmaken, zou hy terstond Busselinck & Waterman nemen. Dat zyn ook makelaars in koffi, doch hun adres behoeft ge niet te weten.
- Daar ik nu voor 't oogenblik afscheid van u neem--ik moet naar de beurs--noodig ik u straks op een tweede hoofdstuk. Tot weerziens dus!
net
neat; net; fair copy 6 times
net, netjes, nette
adjective; noun, neuter, singular; adjective, uninflected
In 't net schrijven means to make a clean or fair copy.
neus
nose; noses 11 times
neus, neuzen
noun, common gender, singular; noun, common gender, plural
- De fout begint al van Van Alphen af, en wel terstond by den eersten regel over die "lieve wichtjes." Wat drommel kon dien ouden heer bewegen, zich uittegeven voor een aanbidder van myn zusje Truitje die zeere oogen had, of van myn broêr Gerrit die altyd met zyn neus speelde? En toch, hy zegt: "dat hy die versjes zong, door liefde gedrongen." Ik dacht dikwyls als kind: "man, ik wilde u graag eens ontmoeten, en als ge my de marmerknikkers weigerde, die ik u vragen zou, of myn naam voluit in banket--ik heet Batavus--dan houd ik u voor een leugenaar.
- Neen, in Amsterdam zelf had hy om-mynentwil een Griek den neus aan 't bloeden geslagen. Want hy bemoeide zich altyd met dingen die hem niet aangingen.
- Alleen was er iets kouds in zyn blik, iets wat u denken deed aan een logarithmentafel, en hoewel zyn voorkomen over 't geheel niet onbehagelyk of terugstootend was, kon men zich toch niet onthouden van de verdenking dat zyn vry groote magere neus zich op dat gelaat verveelde, omdat er zoo weinig op voorviel.
neussnuiten
nose-blowing; blowing her nose twice
neussnuiten
verbal noun, neuter singular; verbal noun, neuter, singular
Here neussnuiten means the act of blowing one's nose.
- Als Duclari nog meende dat Havelaar "gek" was, had men 't hem niet ten-kwade kunnen duiden wanneer hy zich in deze meening versterkt voelde, by 't bemerken der korte verstoordheid die er, na en om dat neussnuiten, op Havelaars gelaat te lezen was.
- Had Havelaar ongelyk toen hy beweerde dat zy evenmin recht had op neussnuiten als de vrouwen te Arles?
neuswijsheid
know-it-all conceit once
neuswysheid
Historical spelling of ‘neuswijsheid’, meaning conceited precocious cleverness.
neuswijzigheid
know-it-all impudence once
neuswyzigheid
Historical spelling; neuswijzigheid means impertinent know-it-all behavior.
négligé
undress once
négligé
French en négligé means informally dressed or in undress.
Ngawi
Ngawi 11 times
Ngawi
proper noun; proper noun, neuter, singular
nicht
not; no 25 times
nicht
negation adverb; negative particle; negation particle
niemand
no one; anyone; No one 40 times
niemand, Niemand
pronoun; indefinite pronoun; indefinite pronoun, nominative
- Niemand kan zeggen dat ik niet goed leef met myn vrouw--zy is een dochter van Last & Co, makelaars in koffi--niemand kan iets op ons huwelyk aanmerken.
- Ieder wilde, maar niemand durfde. Er werd geloot, en het lot viel op my.
- Niemand was daar gebleven om voor my een hand in 't vuur te steken ... Zóó meende ik.
niet
not; no; Not 1271 times
niet, Niet, NIET
adverb; adverb, negative; negating adverb
The inverted clause with “slechts niet” expresses the wish “if only … not.”
- Het is myn gewoonte niet, romans te schryven, of zulke dingen, en het heeft dan ook lang geduurd, voor ik er toe overging een paar riem papier extra te bestellen, en het werk aantevangen, dat gy, lieve lezer, zoo-even in de hand hebt genomen, en dat ge lezen moet als ge makelaar in koffi zyt, of als ge wat anders zyt.
- Niet alleen dat ik nooit iets schreef wat naar een roman geleek, maar ik houd er zelfs niet van, iets dergelyks te lezen, omdat ik een man van zaken ben.
- Sedert jaren vraag ik my af, waartoe zulke dingen dienen, en ik sta verbaasd over de onbeschaamdheid, waarmede een dichter of romanverteller u iets op de mouw durft spelden, dat nooit gebeurd is, en meestal niet gebeuren kan.
niets
nothing; Nothing; anything 103 times
niets, Niets
pronoun; indefinite pronoun; indefinite pronoun, neuter singular
- --En vraag eens naar den prys van een stel billardballen! Ik heb niets tegen verzen op-zichzelf.
- Maar zeg niets wat niet waar is. "De lucht is guur, en 't is vier uur." Dit laat ik gelden, als het werkelijk guur en vier uur is.
- Hy is nu oud en jichtig, en kan niet meer dienen. Nu heeft hy niets, want er gaat veel by ons om, en we hebben jong volk noodig.
niettemin
nonetheless 3 times
niettemin
- Ik ben jong, en onbeduidend in-vergelijking, met de macht der heerschende begrippen waartegen myn principes me noodzaken optestaan, maar blijf niettemin trotsch op myn zedelyke onafhankelykheid, trotsch op myn eer."
- Dan wist de resident wel wat hy over die intrekking der aanklacht te denken had, maar dat intrekken gaf hem niettemin een schoone gelegenheid om den Regent te handhaven in ambt en eer, en hemzelf was de onaangename taak bespaard de Regeering te "bemoeielyken" met een ongunstig bericht.
- De arts die Slotering behandelde kan een bekwaam geneesheer geweest zyn, en zich niettemin vergist hebben in 't beoordeelen van de verschynselen der ziekte, onvoorbereid als hy was op 't vermoeden van misdaad.
nieuw
new; newly; fresh 54 times
nieuwe, nieuwen, nieuw, nieuws
adjective; adjective, inflected; nominalized adjective, neuter singular
Archaic inflected form of nieuw.
- Het nieuwe zusjen is van de groenvrouw gekomen in een groote kool. Alle Hollanders zyn dapper en edelmoedig.
- Over de nieuwe wyze van reven. Over de perkussie, toegepast op handgranaten. (Dit stuk dateert van 1847, dus van vóór Orsini.)
- Er was des morgens te tien ure een ongewone beweging op den grooten weg die de afdeeling Pandeglang verbindt met Lebak "Groote weg" is misschien wat veel gezegd voor 't breed voetpad dat men, uit beleefdheid en by-gebrek aan beter, de "weg" noemde. Maar als men met een vierspannig rytuig vertrok van Serang, de hoofdplaats der residentie Bantam, met het voornemen zich te begeven naar Rangkas-Betoeng, de nieuwe hoofdplaats van 't Lebaksche, kon men nagenoeg zeker zyn, te-eeniger-tyd daar aantekomen. 't Was dus een weg.
nihil
nothing once
nihil
The maxim means something about everything, nothing about the whole.
Nijl
Nile once
Nyl
Historical spelling of modern “Nijl.”
Nîmes
Nîmes 3 times
Nîmes
- Over prozodie. Over de schoonheid der vrouwen te Nîmes en te Arles, met een onderzoek naar het stelsel van kolonisatie der Phoeniciërs.
- Er bestaat niets, dunkt me, wat je zoo klaar de schoonheid in 't afgetrokkene voorstelt, als zichtbaar beeld van het ware, van 't onstoffelyk-reine, als een schoone vrouw. Gelooft me, gaat eens naar Arles en Nîmes ...
- Duclari, Verbrugge en--ik moet het erkennen!--ook Tine, konden een luiden lach niet onderdrukken by de gedachte zoo op-eens uit den westhoek van Java overtestappen naar Arles of Nîmes in 't zuiden van Frankryk.
noch
nor; neither; yet 62 times
noch, Noch, nog
coordinating conjunction; conjunction; correlative conjunction
Nog is a Dutch-influenced spelling here of German noch.
- 'k Vond genot in 't lydend zwygen! 'k Stond standvastig hopend daar, Onspoed deed den prys my stygen: 'k Droeg en leed zoo graag voor haar! 'k Telde ramp noch onspoedsslagen, Vreugde schiep ik in verdriet, Alles, alles wilde ik dragen...
- Ik zag in, dat we Sjaalman noodig hadden, en daar ik het voor een jong mensch niet goed vind, dat hy verkeerde konnexien aanknoopt, wilde ik noch Stern noch Frits daarheen zenden.
- Het zyn deze residenten, die eigenlyk het nederlandsch gezag tegenover de javaansche bevolking vertegenwoordigen. Het volk kent noch den Gouverneur-generaal, noch de Raden van Indie, noch, de Direkteuren te Batavia.
node
reluctantly once
noode
Archaic adverb meaning reluctantly.
nodig
necessary; needed; need 91 times
noodig, noodige, noodigen
adjective; adjective, predicative; adjective, inflected
Noodig is the older spelling of nodig.
noemen
call; called; calls 63 times
noemen, noemde, noemt, noem, genoemd, noemden, genoemde
verb, infinitive; verb, present, singular; verb, past, singular
nog
still; yet; even 239 times
nog, Nog, nòg
adverb; adverb, emphatic
En nog! elliptically corrects “formerly”: the counts are inaccurate even now.
- Toen we getrouwd zyn, hebben wy een toertje naar den Haag gemaakt--ze heeft daar flanel gekocht, waarvan ik nog borstrokken draag--en verder heeft ons de liefde nooit de wereld ingejaagd. Dus: alles gekheid en leugens!
- Ja, dat tooneel bederft velen, meer nog dan de romans. Het is zoo aanschouwelyk!
- En nog meer leugens op het tooneel. Als de held met zyn styven komediestap weggaat om 't verdrukte vaderland te redden, waarom gaat dan de dubbele achterdeur altyd vanzelf open?
nog eens
once more; again; once again 13 times
nogeens, nog-eens, nògeens, Nog-eens, nòg-eens, Nogeens
adverb; adverbial phrase; adverbial expression
Historical hyphenation of modern Dutch nog eens.
- Is het dus niet een pure leugen, als de veldheer de prinses vragend aanziet, om te weten wat ze doen wil na 't poortsluiten? Nog-eens: als 't mensch nu eens lust had gehad te gaan slapen, in plaats van iets te ontblooten?
- --Neen, neen, Frits is heel lief geweest! Ik wou dat hy 't nog-eens deed!
- --Goed, maar er is een grens, moest Havelaar nogeens zeggen, als om 't vorige terugteslikken. Als u 't goed vindt, resident, zullen we plaats in den wagen maken.
nogal
rather; no less 4 times
nogal
nogmaals
once again; once more 3 times
nogmaals
- Ik verzoek u nogmaals my te beschouwen als een vriend die u helpen zal waar hy kan, vooral waar onrecht moet worden te-keer gegaan.
- Ik besloot dus nogmaals om Bastiaans maar te houden tot ik een geschikten vervanger vind, want ik zet niet gaarne iemand op-straat, en we kunnen op 't oogenblik geen bediende missen, omdat er zooveel by ons omgaat.
- Ik heb thans de eer, gelyk trouwens reeds in de konferentie van eergister mondeling geschiedde, nogmaals en ten-overvloede te verzekeren:
non avenu
null; void twice
non, avenu
French expression, first part; French expression, second part
French non avenu means “null and void.”
noodzakelijk
necessary; indispensable; necessity 6 times
noodzakelyk, noodzakelyke
adjective; adjective, predicative; nominalized adjective, neuter singular
- ...dat die uitbreiding eenige vermeerdering van ons personeel noodzakelyk maakte. 't Is de waarheid!
- Een uitweiding over 't mechanismus van het bestuur in deze landstreken is hier, tot juist begrip van hetgeen volgen zal, noodzakelyk.
- --Ik zal de proef niet nemen, zei Duclari, Maar ik ben het toch nog niet met u eens, dat de door u gevorderde beweging zoo volstrekt noodzakelyk wezen zou.
noodzakelijkheid
necessity 6 times
noodzakelykheid, noodzakelijkheid
Noodzakelykheid is an older spelling of modern noodzakelijkheid.
- ...by de toenemende ligtzinnigheid en onzedelykheid onder de jeugd, by het dagelyks aangroeien van het getal fortuinzoekers, en met het oog op de noodzakelykheid om soliditeit van gedrag, hand-aan-hand te doen gaan met soliditeit in de uitvoering, van de gegeven orders ... 't Is, waarachtig, alles de zuivere waarheid!
- Maar toen later het centraal gezag des duitschen Ryks behoefte voelde, eenig ver gelegen volk aan zich te binden op andere wyze dan door stoffelyk overwicht alleen, zoodra een verwyderde streek werd beschouwd als door gelykheid in afkomst, taal en gewoonten tot het Ryk te behooren, deed zich de noodzakelykheid gevoelen, iemand met de leiding der zaken te belasten, die in dat land te-huis behoorde niet alleen, maar door zyn stand boven zyn medeburgers in die streken verheven was, opdat de gehoorzaamheid aan de bevelen des Keizers, gemakkelyk werde door de samengaande neiging tot onderwerping aan hem die met de uitvoering dezer bevelen belast was. Hierdoor werden dan tevens geheel of gedeeltelyk de uitgaven vermeden, voor een staand leger ten-laste der algemeene staatskas, of, zooals meestal geschiedde, ten-laste van de gewesten zelf, die door zoodanig leger moesten bewaakt worden.
- Het was in den beginne een gunst, weldra een gewoonte, en ten-slotte een noodzakelykheid, maar nooit werd deze erfelykheid wet.
noodzaken
obliged; compel; compelled 6 times
genoodzaakt, noodzaken
adjective, past participial; past participle used adjectivally; verb, present, plural
- Wel bleef men gedurig steken in den modder, die in de Bantamsche laaglanden zwaar, kleierig en klevend is, wel was men telkens genoodzaakt de hulp interoepen van de bewoners der naastby gelegen dorpen--ook al waren ze niet zéér naby, want de dorpen zyn niet menigvuldig in die streken--maar als men er dan eindelyk in geslaagd was, een twintigtal landbouwers uit den omtrek by-een te krygen, duurde het gewoonlyk niet zeer lang, voor men paard en wagen weder op vasten grond had gebracht.
- De strekking der gelykenis blyft waar. Wanneer we genoodzaakt zyn iemand zekere eigenschappen toe te kennen die aanspraak geven op achting, eerbied of ontzag, dan doet het ons genoegen naast die eigenschappen iets te ontdekken, dat ons van den verschuldigden cyns voor een gedeelte of geheel ontslaat.
- Ik ben jong, en onbeduidend in-vergelijking, met de macht der heerschende begrippen waartegen myn principes me noodzaken optestaan, maar blijf niettemin trotsch op myn zedelyke onafhankelykheid, trotsch op myn eer."
nooit
never; never once 92 times
nooit, Nooit
adverb; adverb, negative
- Niet alleen dat ik nooit iets schreef wat naar een roman geleek, maar ik houd er zelfs niet van, iets dergelyks te lezen, omdat ik een man van zaken ben.
- Sedert jaren vraag ik my af, waartoe zulke dingen dienen, en ik sta verbaasd over de onbeschaamdheid, waarmede een dichter of romanverteller u iets op de mouw durft spelden, dat nooit gebeurd is, en meestal niet gebeuren kan.
- Maar ik heb Van Alphen nooit gezien.
noord
north 4 times
Noord, noord
noun, common gender, singular; adverb
- Het was zes uur, en daar onder de evennachtslyn--Natal ligt op weinige minuten noord: als ik over-land naar Ayer-Bangie ging, stapte ik te paard over de linie heen, of nagenoeg ...'t was om er over te struikelen, waarachtig!--dáár was zes uur 't sein tot avendgedachten.
- Maar dit viel in die dagen zoo dikwyls voor! De omstandigheden in de Noord van Sumatra waren kort na 't innemen van Baroes, Tapoes en Singkel zóó verward, alles was zóó onrustig, dat men het een jong mensch, die liever te-paard zat dan dat hy geld telde of kasboeken byhield, niet kwalyk nemen kon dat alles niet zoo ordelyk en geregeld ging als men zou kunnen vorderen van een amsterdamschen boekhouder die niet anders te doen heeft.
- Ik geloof van den generaal Vandamme, dat hy zelfs een molen zou weggenomen hebben als hy daarin lust gevoeld had, en begryp dus niet dat hy die landschappen in de Noord zou hebben verschoond, wanneer niet daarvoor steviger gronden hadden bestaan dan recht en billykheid.
noorden
north once
Noord
Historical capitalization; modern Dutch normally writes het noorden.
noordwaarts
northward twice
Noord, noordwaarts
Noord- is completed by the shared suffix -waarts in Oostwaarts.
- Hoe dit zy, hy richtte zyn veroveraarsblikken niet Noord- maar Oostwaarts.
- Vanhier waren zy noordwaarts gestevend tot ze Tanahitam voor zich zagen, dat de europesche zeelieden Prinsen-eiland noemen. Zy waren dat eiland omgezeild aan de oostzyde, en hadden toen aangehouden op de Keizersbaai, zich richtende op den hoogen piek in de Lampongs.
nopen
compelled; obliged; prompted 4 times
genoopt, noopte
verb, past, singular; past participle used predicatively; verb, past participle
- Wanneer misschien iemand de opmerking maken mocht, dat het oorspronkelyke in Havelaars wyze van spreken niet zoo onbetwistbaar is, daar zyn taal denken doet aan den styl der profeten van 't Oude-Testament, moet ik herinneren reeds gezegd te hebben dat hy in oogenblikken van vervoering werkelyk iets had van een ziener. Gevoed door de indrukken die 't leven in wouden en op bergen hem had meegedeeld, omgeven door de poëzie-ademende atmosfeer van het oosten, en alzoo scheppende uit gelyksoortige bron als de Vermaners der Oudheid waarmee men soms zich genoopt voelde hem te vergelyken, gissen wy dat hy niet ànders zou gesproken hebben, ook wanneer hy nooit de heerlyke dichtstukken van het Oude-Testament gelezen had.
- Ik vreesde dat de wandeling u verdrieten zou, daar ik niet wist of ge vermaak zoudt scheppen in de bloemen of planten die ik u wyzen wilde. Maar omdat ik geloof dat het u later genoegen zal doen, het pad gezien te hebben dat we straks zullen betreden, voel ik me nu genoopt u iets te zeggen van Havelaars huis.
- Later heb ik veel hooren spreken van klachten die tegen dien adsistent-resident waren ingebracht, doch men moest voorzichtig wezen met geloof-slaan aan deze beschuldigingen, omdat ze grootendeels uit den mond kwamen van Jang di Pertoean, en wel op een oogenblik toen deze zelf van veel zwaarder vergrypen was aangeklaagd, hetgeen hem misschien noopte zyn verdediging te zoeken in de fouten van zyn beschuldiger ... wat meer gebeurt.
Normandiër
Norman; Normans 3 times
Normandier, Normandiers
noun, common gender, singular, historical spelling; noun, plural, historical spelling
nota
memorandum; note; notes 6 times
nota
- Ook worden zij gesteld in het onrechtmatig, bezit van sawah-velden, terwijl die alleen toekomen aan degenen, die aandeel hebben in de kultuur." Hier heb ik een andere nota, en wel in potlood.
- De nota van Havelaars voorganger, waarin deze "het verloop van volk uit het distrikt Parang-Koedjang toeschreef aan verregaand misbruik" ligt voor my.
- Deze nota was in-officieel, en bevatte punten waarover die ambtenaar met den resident van Bantam te spreken had.
nu
now; Now; well 219 times
nu, Nu, nù
adverb; discourse adverb; interjection
- En zou myn huwelyk nu minder gelukkig wezen, dan van de menschen die zich uit liefde de tering op den hals haalden, of de haren uit het hoofd? Of denkt ge dat myn huishouden iets minder wel geregeld is, dan het wezen zou als ik voor zeventien jaar myn meisjen in verzen gezegd had dat ik haar trouwen wilde?
- Maar tel nu eens de steken die ze doet gedurende het heele bedryf.
- Dan komt haar eerste minnaar--die vroeger klerk was aan 't kopieboek, maar nu schatryk--op-eens terug, en trouwt haar.
nu en dan
now and then 3 times
nu-en-dan
- 4° Dat ik nu-en-dan een hoofdstuk schryven zou, om aan 't boek een soliede voorkomen te geven. 5° Dat de titel zou wezen: de koffiveilingen der Nederlandsche Handelmaatschappy.
- Men kan dan zyn hals eens anders wenden, men beweegt nu-en-dan zyn knie, en misschien zit er eens een juffrouw naast ons met dansschoenen, of een jongetje wiens beentjes den grond niet raken.
- En stel je niet gelyk met Stern, wiens vader zoo ryk is, en die altyd geld genoeg zal hebben, al wil hy geen makelaar worden, en al doet hy nu-en-dan eens wat verkeerds.
nummer
No.; number; numbers 41 times
N, nummer, nummers, Nrs, Nis
abbreviation; noun, neuter, singular; abbreviation symbol
N° abbreviates nummer (‘number’).
- Ik ben makelaar in koffi, en woon op de Lauriergracht, N° 37.
- Als ik in myn vak--ik ben makelaar in koffi, en woon op de Lauriergracht N° 37--aan een principaal --een principaal is iemand die koffi verkoopt--een opgave deed, waarin maar een klein gedeelte der onwaarheden voorkwam, die in gedichten en romans de hoofdzaak uitmaken, zou hy terstond Busselinck & Waterman nemen. Dat zyn ook makelaars in koffi, doch hun adres behoeft ge niet te weten.
- O, o, o! Ik ben sedert zeventien jaren makelaar in koffi--Lauriergracht, N° 37--en heb dus al zoo-iets bygewoond, maar het stuit my altyd vreeselyk, als ik de goede lieve waarheid zóó zie verdraaien.
nuttig
useful 4 times
nuttig, nuttigs
adjective; adjective, substantivized
The ending -s makes the adjective substantival: ‘something useful’ or ‘useful things’.
- Het is waar, er waren veel verzen onder, maar ik vond veel nuttigs ook, en ik stond verbaasd over de verscheidenheid der behandelde onderwerpen.
- Ze is nuttig toetepassen, want men kan voor zeker houden dat de zieke, die door overspanning in de eerste periode stikken zou aan een mug, later--na de buikziekte!--zonder bezwaar kemels zal verdragen. Of, om duidelyker te spreken, dat een beambte die "geschenken aanneemt, niet met het doel zich te verryken"--by-voorbeeld een bos pisang ter-waarde van eenige duiten--met smaad en schande zal worden weggejaagd in de eerste periode der ziekte, maar dat iemand die 't geduld heeft het laatste tydperk aftewachten, zeer gerust en zonder eenige vrees voor straf, zich zal kunnen meester maken van den tuin waar de pisang groeide, met de tuinen die daarnaast liggen er by ... van de huizen die in den omtrek staan ... van wat er in die huizen is ... en van nog een-en-ander meer, ad libitum.
- Het is een vast principe van me, altyd bedaard te blyven--want ik houd dit voor nuttig in de zaken--maar ik moet erkennen, dat het me dikwyls veel moeite kostte, by 't aanhooren van al de gekheid die Stern voorleest.
Seen once or twice
naaien
sewing once
naaiwerk
sewing-work once
naakt
naked once
naald
needle once
naaldje
needles once
naar beneden
down once
naastbijliggend
nearest-lying once
nabijliggend
neighboring once
nabijwonend
living nearby once
nabuurschap
neighbourhood; neighborhood twice
nach
to; at twice
Nachtwind
night wind once
nadeel
a loss once
naderhand
later on; afterward twice
Nagara
Nagara twice
nagelen
nailed once
nahe
close once
naijver
envy once
naijverig
envious once
naïveteit
naivety once
najaar
autumn once
nalopen
chased once
namens
on behalf of once
namiddag
afternoon once
Napoléon
Napoleon twice
naspringen
leapt after once
Nataller
people of Natal once
nationaal
National once
natuurwet
laws of nature once
nauwgezet
careful once
nauwkeurigheid
accuracy; exactitude twice
nazitten
pursued once
ne
not once
nederig
humble twice
Nederlander
Dutch; Netherlanders twice
Nederlands-Indisch
Dutch East Indian; Dutch-Indian twice
nederleggen
lay down once
nederliggen
lie once
nederschrijven
wrote once
nederzinken
sinks down once
neerhurken
crouched once
neerlaten
let down once
neerzinken
sank down once
neerzitten
sit down once
Negara
Negara once
negende
NINTH once
negenennegentig
ninety-nine twice
negenentwintig
twenty-nine once
negentiende
NINETEENTH once
Negerhut
Uncle Tom's Cabin once
nek
neck once
nergens
nowhere twice
nest
little nest once
netelig
difficult once
neunt
ninth once
neus snuiten
nose-blowing once
neusgat
nostrils once
neusvleugel
nostrils once
neutraal
neutral once
neutralisatie
neutralization once
Niagara
Niagara once
niedersinken
sink down once
niet-etend
non-eating once
niet-geneeskundige
laypeople once
niet-Indiër
non-Indian once
niet-Indisch
non-Indies; non-Indian twice
niet-indisch
non-Indian once
niet-liplap
non-liplap once
nietig
insignificant; trifling twice
nietigheid
Nonentity once
nieuw-model
new-model once
nieuw-modelpomp
new-model pump once
nieuwbekeerde
new converts once
nieuwbenoemd
newly appointed once
nieuws
news twice
nieuwsblad
newspapers once
nieuwsgierig
curious once
nieuwsgierigheid
curiosity once
Nieuwstraat
Nieuwstraat once
niezen
sneeze once
Noach
Noah once
nodigen
invite; invited twice
Noereddien
Nureddin once
non
not twice
Nonni
Nonni once
nonsens
nonsense once
nood
want; need twice
noodzaak
need twice
Noord-Duitsland
North Germany once
noordelijk
northern once
noordhoek
northern cape; northern corner twice
noordwesten
northwest once
nourrir
fed once
nourriture
food once
november
November twice
nul
zero; nought twice
nummeren
number once
nut
benefit twice
nutteloos
useless twice
The particulars
- The words
- Every word of the text, parsed: its headword, its form and its meaning in the line. Source text: public domain (Multatuli / Eduard Douwes Dekker, d. 1887; Dutch 1860, Project Gutenberg #11024).
- Translation
- Public-domain Dutch (Multatuli, d. 1887; published 1860). English translation © 2026 1732 Studios, LLC.
- Data
- JSON · A guide for agents